Abnormaal gedrag in groepen

Naast de normale “gezonde” fenomenen in groepen, kan de invloed van een groep ook leiden tot meer abnormaal gedrag. Dit principe wordt geïllustreerd in een beroemd sociaal-psychologisch experiment uit 1971 naar de kracht van de sociale situatie (uitgevoerd door Philip Zimbardo). In dit experiment werden 24 studenten willekeurig ingedeeld als “bewaker” of “gevangene” in een namaakgevangenis. Twaalf jongens mochten een uniform aandoen en kregen als opdracht: ‘zorg voor orde maar gebruik geen geweld’. De twaalf andere kregen een gevangenisplunje aan. Al snel gebruikten de ‘bewakers’ ‘opdrukken met een voet op de rug’ als straf. Opstandelingen werden met de brandblusser neergeslagen en een andere gebruikte straf was het zich publiekelijk laten uitkleden. Eenzame opsluiting kon ook. De agressie van de bewakers werd sterker naarmate het onderzoek vorderde. Op een bepaald moment gebeurden de mishandelingen ‘s nachts omdat ze dachten dat de onderzoekers toch niet keken. De meerderheid was niet langer in staat een onderscheid te maken tussen hun rollen en hun eigen ik. Het experiment zou 2 weken duren, maar werd na 6 dagen gestaakt.

Het toekennen van de rol van bewaker (dus deel uitmaken van de groep “bewakers”) maakte dat sommige studenten zich als bewaker vrij gruwelijk gingen gedragen. Hierbij is de parallel te trekken naar de Abu Ghraib-gevangenis.

Anonimiteit leidt tot ander gedrag

Het principe dat ten grondslag ligt aan dit abnormale, asociale gedrag is a) de verminderd ervaren sociale evaluatie en b) rolgedrag. Verminderd ervaren sociale evaluatie (a) betekent dat men zich niet meer als individu voelde die een gevangene mishandeld, maar als relatief anonieme “bewaker”. De anonimiteit die “bewaker” zijn met zich meebrengt, leidt tot het wegvallen (of verminderen) van deze sociale normen waardoor men meer impulsief kan reageren op impulsen uit de omgeving. Je bent immers (voor je gevoel) niet meer als individu verantwoordelijk voor je daden, maar als groep bewakers. Rolgedrag (b) betekent dat het individu zich gaat gedragen naar de “rol” van bewaker. Hiermee ervaart hij (of zij) als het ware privileges om bewakergedrag te vertonen, zoals straffen en vernederen ten dienste van ordehandhaving. Naarmate de groepsnorm (“zo doen wij”) asocialer wordt, zullen de groepsleden geneigd zijn hierin mee te gaan. Het gaat dan van kwaad naar erger.

Dit fenomeen van verminderde sociale evaluatie en rolgedrag wordt groter naarmate de groepsgrootte toeneemt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het asociale gedrag van hooligans.

  Druk om aan de groep te conformeren
 Inclusief Video van het Asch’s Conformity Experiment
  In een groep gedraag je je volgens de groepsregels
Normen en waarden, Groepsidentiteit en Hiërarchie
  Het fenomeen Group Think
Een groepsprocessen dat leidt tot slechte besluitvorming in groepen